Onze nieuwsbrief ontvangen?
Ontharen.be
Centrum voor Definitieve Ontharing
Rekkemstraat 55-57
B-9700 Oudenaarde, België
(0)55.31.48.06

De anatomie van het haar


Elk haar groeit in een haarfollikel. Haarfollikels zijn instulpingen, die reeds gevormd zijn sinds de embryonale periode. Aan de huidoppervlakte mondt de haarfollikel uit in een porie waar het eigenlijke haar uitsteekt. Onderaan heeft de haarfollikel een ingestulpte bodem: de haarpapil, waarin zich uitermate actieve groeicellen bevinden samen met bloedvatlussen, die de cellen rijkelijk van bloed (= voeding) voorzien. De delende groeicellen ondergaan geleidelijk een keratinisatie, wat tot de eigenlijke haarvezel leidt.

 
 

Wanneer we een haar uittrekken, stopt deze activiteit niet. Integendeel, uittrekken veroorzaakt een versterkte bloedtoevoer naar de papil, zodat de daar aanwezige groeicellen zeer goed gevoed en gestimuleerd worden tot het vormen van een nieuw haar, vaak zelfs een sterker haar, tenzij men onmiddellijk na het uittrekken een regressieve behandeling toepast.

 

Haarfollikels zijn aanwezig over het gehele lichaam, behalve op de voetzolen en de handpalmen. Nieuwe haarfollikels worden na de geboorte niet meer gevormd.
 

Slechts een deel van de haarfollikels zal actief worden en haren produceren, men schat ongeveer 1 /10de, de non-actieve haarfollikels noemt men slapende haarfollikels.
 

We onderscheiden 2 soorten haren: de vellushaartjes en de terminale haren.


Vellus is zeer fijn en kleurloos dons, mergloos en wordt zelden langer dan 1 cm. Het groeit op het lichaam van kinderen en in het gelaat van vrouwen. In de puberteit gaan onder invloed van hormonen verschillende delen van het lichaam een sterkere beharing vertonen: de terminale haren. Ook na de puberteit kunnen zich nog haren bijvormen: door hirsutime of hypertrichose (zie verder).Terminale haren kennen verschillende diktes: fijn haar, middelmatig en zeer dik en stug haar.